Column
06-04-2007
Rubriek:
OPINIE

Als absolute politiek-junk zou ik uren kunnen praten over verkiezingen in Oostenrijk of een regeringscrisis in Roemenië. Dat mijn omgeving hier niet altijd op zit te wachten, is logisch. Wanneer een vriend eindeloze bespiegelingen over randontwikkelingen in bijvoorbeeld de archeologie zou geven, sta ik ook niet te juichen.

Echter, wanneer er een groot voorval op archeologisch gebied plaatsvindt, zal ik me daar zonder twijfel mee bezighouden. En dat geldt voor mijn omgeving bij grote politieke gebeurtenissen ook.


Wat dat betreft verbaast het mij dat er momenteel buitengewoon weinig interesse in de aanstaande Franse presidentsverkiezingen is.

Toegegeven, het heeft niet de grandeur van de Amerikaanse versie maar ook de verkiezing van de Franse president is een waar spektakelstuk met belangwekkende gevolgen op (in ieder geval) Europees niveau. Op 22 april is bovendien de eerste ronde al. Maar daarover straks meer.

Ik loop namelijk het risico dat u nu al afhaakt, juist omdat het onderwerp niet leeft. Daarom heb ik overwogen een beloning in het vooruitzicht te stellen voor degenen die deze column zouden uitlezen.

In Bulgarije konden kiezers in 2005 allerlei mooie prijzen winnen als ze maar gingen stemmen en dat vond ik wel een aardig idee. Helaas kon ik geen geschikte beloning bedenken. En om u nou zelf met ideeën op dat punt te laten komen, ging mij uit het oogpunt van welvoeglijkheid net iets te ver.

Laat ik daarom maar gewoon het verhaal vertellen dat ik met u wil delen. Om de stemming er in te houden, allereerst het goede nieuws: de uitslag van de komende verkiezingen betekent hoe dan ook een verbetering ten opzichte van de huidige situatie.

Jacques Chirac, de 74-jarige steenpuist op het gezicht van de Franse republiek, verdwijnt na twaalf jaar eindelijk uit het Élysée. Een slechtere president dan Chirac, een ‘machtspoliticus zonder ideeën’, zoals de NRC hem onlangs treffend omschreef, is welhaast niet denkbaar.

Zijn vertrek is reden genoeg om spontaan La Marseillaise te gaan fluiten.

Vijf jaar geleden gaf de Franse politiek het electoraat een onmogelijke keuze tussen Chirac en de chagrijnige socialist Lionel Jospin. Uit puur onbehagen stemde destijds bijna 17 procent van de kiezers in de eerste ronde op de extreem-rechtse Jean-Marie Le Pen.

Het Franse systeem vereist dat de nieuwe president meer dan de helft van de stemmen bemachtigt. Indien dit niet lukt in de eerste ronde, waaraan diverse kandidaten deelnemen, moet het in een tweede ronde. Aan de tweede ronde doen vervolgens slechts de twee populairste kandidaten uit de eerste ronde mee. In 2002 waren dat Chirac en Le Pen.

Dat de xenofoob pur sang Le Pen de tweede ronde bereikte ten koste van Jospin was sensationeel. In vergelijking met deze ongemanierde fascist zijn Filip Dewinter en Jörg Haider eerzame en nette staatslieden. Het liep relatief goed af.

Door de knarsetandende steun van links kon Chirac in de tweede ronde Le Pen met ruim 82% van de stemmen verpletteren.

Een dergelijk mechanisme zou zich dit keer wel eens opnieuw kunnen voordoen. Aanvankelijk leek de strijd te gaan tussen de socialistische kandidate Ségolène Royal (die alleen al vanwege haar koninklijke naam zou moeten winnen) en Nicolas Sarkozy, partijgenoot, maar tevens aartsrivaal, van Chirac.

In de recente peilingen heeft de centrumkandidaat François Bayrou, die profiteert van nieuwe onvrede bij de kiezers, het tweetal echter bijna achterhaald.

Hetgeen voor heel wat nervositeit aan zijn linker- en rechterzijde zorgt.

Indien Bayrou er in slaagt om een pas de deux tussen Sarkozy en Royal in de tweede ronde te voorkomen, maakt hij vanwege zijn centrumpositie namelijk een enorme kans om daadwerkelijk president te worden. Wanneer hij Royal uitschakelt, wat het meest voor de hand ligt, kan hij rekenen op de stemmen uit het linkse kamp. En als hij Sarkozy elimineert, krijgt hij in de tweede ronde diens aanhangers achter zich.

Dezelfde manier dus waarop Chirac vijf jaar geleden Le Pen versloeg. Maar dit keer zou de kandidaat van de onvrede juist de uiteindelijke winnaar worden.

Het is plezierig dat de Fransen hun cri du coeur van ontevredenheid met zowel rechts als links dit keer niet via extreem-rechts, maar via het centrum lijken te uiten. Bayrou presenteert zich als het redelijke alternatief voor de twee kemphanen Royal en Sarkozy. Hij wil zelfs volledig breken met het links-rechts denken in Frankrijk, wat gezien de inhoudsloosheid van die termen een prijzenswaardig streven is.

Heel mooi, maar u krijgt bij dit alles natuurlijk onmiddellijk een D66-smaak in de mond. En zoals u weet, smaakt dat eigenlijk nergens naar.

François Bayrou is, hoe begrijpelijk zijn populariteit ook is, niet de gedroomde nieuwe president van Frankrijk. Het land heeft na twaalf jaar stagnatie onder de theatrale anti-visionair Chirac boven alles een duidelijke koers nodig. En dat is nu precies wat Bayrou níet biedt. Ik hoop dan ook ‘gewoon’ op een Sarko vs. Ségo in de tweede ronde op 6 mei.

Wie er dan uiteindelijk wint, maakt niet eens zoveel uit.

Roelof Smit


Meer columns van Roelof:
» Cordon sanitaire
» Huwelijkscrises
» Christelijk-sociaal
» Democratie
» De verwende kiezer
» Strategisch links
» Homopolitiek


[©Gay.nl/Gay Group]
[Colofon] [Redactieprofiel] [Rubriek: OPINIE]
[Stuur ons nieuwstips] [Mail je mening in een brief]
[OPINIE-stukken representeren niet per se de mening van de Gay Group]